
Amnoy
Naren
Naren is vandaag naar het ziekenhuis voor een hersenscan. Het is daardoor opvallend rustig.
Het Japanse meisje is al weer vertrokken.Ik dacht gisteren dat ze een vrije dag had, maar Mami zegt dat is naar huis is. Omdat ik zie dat tegen de middag de jonge monniken weer in het hospice zijn, stop ik om twee uur om naar het ziekenhuis te gaan. Vannacht is Saluwai naar het ziekenhuis gebracht met adem problemen. Gisteren morgen scheerde ik hem en ademde hij zwaar. Ik was eerst in de veronderstelling dat hij net de trap op was gekomen en daarom buiten adem. Hij voelde klam aan, vroeg hem of hij zich goed voelde. Omdat hij daar ja op zei heb ik het zo gelaten.
Saluwai
Omdat bij aankomst in het ziekenhuis Anan slaapt ga ik eerst naar Saluwai. Ik schrik hoe hij erbij ligt. Vastgebonden en aan de beademing. Om de beademingsapparaat, dat via zijn keel is ingebracht om op zijn plaats te houden, zijn repen katoen kruiselings over hoofd en gezicht gebonden.
Hij is bij kennis en herkent me, geeft steeds aan (hij kan niet spreken vanwege de slang in zijn keel) dat hij wil drinken.(wat streng verboden is) Hij is heel onrustig en ligt helemaal scheef in bed. Ik voel me machteloos. Streel zijn hand en voorhoofd en probeer hem rustig te maken. Gelukkig komt na een tijdje de zuster die wat handelingen doet en zijn mond schoon maakt. De vloeistof waarmee ze dat doet wordt ook weer afgezogen. (vanwege gevaar voor verstikking ) Ondertussen dat ze nog met hem bezig is ga ik naar Anan, die er een stuk sterker bij ligt dan de laatste keer. Het nieuwe bloed heeft zijn werk gedaan,absoluut. Ik heb hem wat te eten meegenomen,waar hij met smaak van eet.
Met zijn pamper is het weer hetzelfde liedje,helemaal vol met diarree. Ik zie bij het verschonen dat er een gaasverband op zijn nierstreek zit. Ik heb hem weer helemaal ingesmeerd en nog wat drinken gehaald en ga dan terug naar Saluwai. Als ik de grote zaal binnen loop zie ik mensen rond zijn bed staan. als ik dichterbij kom word ik geconfronteerd met een hevig snikkende jongeman die Saluwai vast houdt.Zwijgend voeg ik me bij hen,voel behoefte om de voor mij onbekende jongen te troosten.
Ik luister naar mijn gevoel en leg even een hand op zijn schouder. Als ik me voorstel word ik niet echt begrepen (niemand van hen spreekt Engels). Noy (de ziekenverzorgster die ik ken) die juist aan het aangrenzende bed bezig is geeft uitleg wie ik ben, waarop warm naar mij toe wordt gereageerd.
Het tafereel ging me erg aan het hart,maar ergens was ik ook een beetje kwaad. In de paar jaar dat ik Saluwai ken heb ik nooit iemand van de familie bij hem gezien.Oké ik mag niet oordelen,ik weet de reden niet,misschien heb ik ze net steeds gemist. Als ik die gedachte los laat krijg ik in een flits een beeld dat zij er twee dagen geleden waren, en zag hen samen praten en uitbundig lachen.
Een heel andere situatie dan dat het nu in werkelijkheid is.

Na thuiskomst ben ik naar een dermatoloog gegaan om mijn hinderlijke uitslag te laten behandelen.Al een paar nachten slaap ik heel slecht vanwege de jeuk. Met een zalf en iets om in te nemen hoop ik er minder last van te hebben. Daarna door naar de avondmarkt waar ik nog wat spulletjes voor de patiënten die ik in de winkel niet aantrof hoop te vinden. Het is een drukte vanjewelste en je kunt er bijna voor alles terecht. Koop nog wat om te eten om dan snel deze drukte verlaten.


Geen opmerkingen:
Een reactie posten