woensdag 18 januari 2012

woensdag 18 januari

Als ik Wirai help bij het middag eten (dat ik fijn maak met een schaar, omdat ze maar een tand heeft)

Wirai

komt Helga erbij staan en vraagt me hoe oud Wirai is. Ik zeg dat ik het niet weet en het me ook nooit heb afgevraagd. Wan hoort de vraag en zegt dat Wirai negentig jaar is.Ik kan het niet geloven,maar later wordt het door Wi bevestigd.

Nèn vraagt me zijn diarree pamper te verschonen,wat onmogelijk zonder pijn doen kan gebeuren,omdat hij van onder meerdere open wonden heeft.

In het lege bed ernaast is Fon gaan liggen om haar pijnlijke linker knie te laten masseren.
Als ik daarmee bezig ben zie ik aan de muur nog enkele herinneringen aan Audom die hier twee weken geleden nog lag. Gek eigenlijk dat er hier bijna nooit meer gesproken wordt over iemand die is overleden.

Ik kijk naar een briefje met wat aantekeningen en telefoon nummers, er naast hangt nog het geluk poppetje dat hij kreeg van Marijke toen ze terug kwam uit Manilla.

In bed 24 ligt een nieuwe patiënt,(Kotchakon) een stevige jonge vrouw die niet bij kennis is en steeds bewegingen met haar lippen en tong maakt en met haar ogen knippert.

Ik voel me machteloos aan het bed van Koson (bed 20) hij kermt van de pijn.
Zijn lippen en mond zijn bloederig en zijn onderbenen liggen helemaal open.(ik vrees het Stevens Johnson syndroom)
Als Wi zijn wonden komt verzorgen zie ik dat ook zijn hele kruis een bloederig geheel is.
Ik kan er even niet meer tegen en loop naar buiten.
.
Als Sanan voor de zoveelste keer op blote voeten in zijn luier naar buiten loopt zie ik kans zijn smerige bed te verschonen.

Geen opmerkingen: