vrijdag 24 juli 2015

donderdag 23 juli



Sommai
 
Sommai is terug uit ziekenhuis, maar het gaat helemaal niet goed met hem. Waarschijnlijk is zijn wens om dood te gaan zeer nabij. Voorzichtig scheer ik zijn lange baart en hoofdhaar.
Hij ziet helemaal geel en heeft tbc. Er sijpelt vocht uit het gat in zijn keel waar de canule heeft gezeten.
 
 
Sommai, die blik van wanhoop in je ogen.
Jouw verlangen niet meer te willen leven, hoe kan ik je helpen.
Ik voel me onmachtig, hoe kan ik verzachten, dit lijden.
Waar zijn de grenzen van menselijkheid 
Mag ik hopen dat je er morgen niet meer bent?
Misschien niet, maar ik kan niet anders.....
 
 
 

 
Daar in tegen is Nadaa weer zo goed (ongelooflijk als je haar twee weken geleden had gezien, een wonder) als de oude en weer in is voor een grap,
laat zich door een van de verpleegsters opmaken met spullen uit een donatie.
 
 
 
Tibo en patient van huisje 1c die na de ruzie met zijn kamergenoot nu alleen ligt.
 Ik heb hem geschoren, Tiboa heeft de korst op zijn hoofd die vrij kwam nadat ik zijn hoofd geschoren had er af gewassen. Zijn bed is verschoond zijn kamer gepoetst.
 
Monnik Phra Nutchapon kijkt even vreemd op als ik hem er op wijs dat hij in een verkeerd bed ligt (van zijn buurman) Het duurt even voordat hij het zich realiseert. Gedwee loopt hij naar zijn eigen bed. Ik hoop dat dit niet het begin is van een volgende aanval. Met verwardheid begon het de vorige keer ook. Zijn gezicht wordt nog steeds magerder, zijn ogen liggen diep in de kassen.
 
Ik kom maar nauwelijks aan masseren toe. Eer ik mijn ronde van verzorging rond heb, is het alweer tijd voor een nieuwe ronde. De meesten hebben het al opgegeven een massage te vragen.
Kitti en Moo blijven volhouden en heb hun dan vandaag voor hun geduld beloond.
 
 
Vandaag bezoek van het koppel Phom en Chang. Zij zijn een half jaar geleden vertrokken nadat zij zich hier (werkten alle twee in de welfare ruimte) elkaar hebben leren kennen.
Phom maakte met het grootste geduld allerlei mooiste dingen.
Vandaag moesten ze voor controle in het ziekenhuis in LopBuri zijn, en kwamen ons even begroeten.
 
 
Elke morgen wanneer ik Pong begroet krijg ik weer die litanie van dank over me heen.
Hij noemt me zijn oom en dat hij van me houdt enz. enz.. Hij probeert in zijn beste Engels steeds nieuwe woorden te vinden om te zeggen dat ik zo goed voor hem zorg, dit terwijl hij bijna nooit iets vraagt.
 
 
 
Neung mag het nieuwe schort inzegenen.
 
Eindelijk nieuwe kappersschorten gevonden. Het oude is echt tot op de draad versleten. In Nederland was ik er al een hele tijd. zonder resultaat naar op zoek. Via internet kon ik er in China aan komen. Ze werden zelfs gratis verzonden, ongelooflijk.
 
 
Ook de reserve tondeuse (met dank aan de donateurs!!!) is aan gekomen ik kon ze vanmorgen op het postkantoor afhalen.
(ook gratis vanuit China naar hier verzonden).
 

 
De conditie van Mea Dang gaat weer achteruit. Ze wordt zo mager dat doorliggen dreigt.
Als bescherming tegen decubitus wordt ze op een luchtmatras gelegd.
 
Het lichaam van Annan is zo stijf als een plank, als ik hem op zijn zij moet leggen om zijn pamper te verschonen, gaat zijn hele lichaam in één beweging mee in die kanteling.
Vandaag hebben Lang en ik probeert zijn ontlasting te halen. Hij is al een week niet geweest, maar er kwam slechts een heel kleine hoeveelheid.
 
Als ik na het avondeten nog even, voordat ik naar huis ga bij Sommai ga kijken zit hij op de rand van zijn bed. Hevig hijgend, happend naar adem. Ik ga snel zuurstof voor hem vragen aan de verpleegster.
Ik kan niet naar huis gaan voordat ik zeker weet dat hij is aangesloten. Maar als ik even later weer ga kijken zijn ze toch bezig met deze voor hem aan te sluiten.
 

Geen opmerkingen: